008 Alexander Samsonov en de stilte van het pijnbomenbos (16 augustus 1914)

 

Hij durfde zijn tsaar niet meer onder ogen te komen. Dus klonk er een eenzaam schot in het pijnbomenbos. Alexander Samsonov, door de Duitsers in de tang genomen, glipt stilletjes weg uit de oorlog. Het tij is gekeerd bij Tannenberg. De kozakken gaan Berlijn niet halen.

De stilte van het pijnbomenbos

In tijden van oorlog is het wel zo nuttig als de legeraanvoerders in het veld met elkaar op kunnen schieten. Welnu, de Russen hebben in de openingsweken van de Grote Oorlog een serieus probleem van onverenigbare karakters aan de top.

Twee van hun legers, opgebouwd uit vijf korpsen, richten langs verschillende routes hun pijlen op Oost-Pruisen, in de bedoeling later de krachten te bundelen. Het Eerste Leger staat onder leiding van Pawel von Rennenkampf, de Russische generaal met de Duitse naam. Het Tweede Leger kent als commandant Alexander Samsonov, een veteraan van de Russisch-Turkse oorlog uit 1877-78, de Boksers-opstand in China van 1900 en de Russisch-Japanse Oorlog van 1904-05.  Samsonov is een ouwe vechtjas, die het Slavische ras superieur acht aan dat van de Teutoonse Germanen.

De twee, Rennenkampf en Samsonov, delen een geschiedenis. Ze hebben beiden gevochten in die Russisch-Japanse Oorlog, die op zo’n onterende  nederlaag voor de tsaar is uitgelopen. Het gele ras dat het blanke ras klop gaf: daar had men in de westerse wereld aan het begin van de eeuw behoorlijk van opgekeken.

Na de beslissende Slag bij Mukden, in Mantsjoerije, had Samsonov Rennenkampf grote verwijten gemaakt. Hij voelde zich in de steek gelaten. Op het station van Mukden moet Samsonov Rennenkampf tegen de grond hebben geslagen. Althans, dat beweerde een militaire waarnemer die van de partij was. Het ging om een Duitser, die we op de slagvelden van Oost-Pruisen in 1914 weer tegen zullen komen.

Vast staat dat Samsonov en Rennenkampf hun ruzie nog altijd niet hebben bijgelegd als ze van de tsaar samen op moeten trekken in Oost-Pruisen. Ze vertrekken apart van elkaar. Eenmaal voorbij de Mazurische Meren moet de aansluiting, bij Allenstein, plaats vinden. Daarna wacht Berlijn.

Er liggen aan het oostelijk front volop kansen voor de Russen, want de Duitsers zetten bijna al hun kaarten op een overrompeling in het westen. Het Von Schlieffen-plan schrijft dat voor. Von Schlieffen zelf is al gehemeld, maar zijn strategie ligt al jaren bij de Duitsers op de plank. Eerst in het westen via een machtige zwaai door België  Frankrijk oprollen en daarna de traag mobiliserende Russen in het oosten aanpakken: zo heeft Von Schlieffen het tot in detail uitgewerkt.

De Duitsers beschikken in de openingsfase van de oorlog aan hun oostzijde dan ook over maar één enkel leger: het Achtste onder leiding van de 65-jarige Maximilian von Prittwitz und Gaffron. Die heeft ook nog eens te maken met lastige strijdmakkers. Generaal Hermann von François onttrekt zich graag aan de bevelen van Von Prittwitz. Hij gaat voor zijn eigen aanvalsplannetjes, tot wanhoop van zijn superieur.

Het ziet er direct na de Russische inval niet best voor de Duitsers uit. Ze lijken Oost-Pruisen op te moeten geven. En dat vooruitzicht begint de Oberste Heeresleitung, ver weg in Koblenz, toch wel te benauwen. Oost-Pruisen heeft voor het keizerrijk een historische betekenis. Heden ten dage is het verdeeld over Polen, Rusland en Litouwen, maar het verleden ervan behoort toe aan de Oude Pruisen en de ridders van de Duitse Orde. Als de bakermat van het keizerrijk valt, dan moet ook voor Berlijn zelf gevreesd worden. Paniek breekt her en der al uit: ‘De Kozakken komen!’

Von Prittwitz lijkt niet tegen zijn taak te zijn opgewassen. Hij wil zich na de verloren slag bij Gumbinnen terugtrekken achter de rivier de Weichsel. In Koblenz valt dan het besluit om het front in het oosten te versterken. Manschappen zullen per trein van het westen naar het oosten worden overgebracht: een afzwakking van het Von Schlieffen-plan dat de Duitsers volgens sommige militaire historici de oorlog heeft gekost.

Samen met zijn chef-staf wordt Von Prittwitz ontslagen. Drie jaar later zal hij aan de gevolgen van een hartaanval sterven. De één jaar oudere Paul von Hindenburg neemt in augustus 1914 als bevelvoerder Von Prittwitz’ plaats aan het oostelijk front in. Opmerkelijk, want in 1911 was Hindenburg, een leerling van Von Schlieffen, al met vroegpensioen gegaan. Hindenburg krijgt ‘de held van Luik’, Erich Ludendorff, aan zijn zijde. In de trein op weg naar het oosten klikt het al meteen tussen die twee. Dat zal de rest van de oorlog zo blijven.

Nu moet de naam vallen van die Duitse waarnemer in Mukden, negen jaar eerder: Max Hoffman. Van deze even pientere als cynische officier komt het plan dat Ludendorff en Hindenburg na hun aankomst dankbaar zullen aanvaarden. Hoffman beseft dat het de Duitsers fataal wordt als de twee Russische legers de aansluiting tot stand brengen. Maar als ze eerst Samsonov en daarna Rennenkampf aan kunnen pakken, dan zijn er kansen voor Duitsland. Een Von Schlieffen-plan in het klein, goed beschouwd.

In een enorme frontzwaai, mogelijk gemaakt door hun uitstekende spoorwegennet, richten de Duitsers al hun slagkracht tegen Samsonov in het zuiden. Ludendorff moet het daags van tevoren nog dun door de broek hebben gelopen. Hij beseft dat nu voor Rennenkampf het veld open ligt. Maar dat risico moeten we incalculeren, besluit Hindenburg, kalm als altijd.

Het pakt perfect uit voor de Duitsers. Met toestemming van hogerhand richt Rennenkampf zijn aandacht op verovering van Köningsberg, het huidige Kaliningrad. Rugdekking voor Samsonov blijft zo uit. De communicatie tussen beide Russische legers is sowieso uiterst belabberd. De Duitsers slagen er moeiteloos in berichten te onderscheppen en te ontcijferen, zo er al van codering sprake is. Het leger van Rennenkampf ligt bovendien ver voor op het schema van Samsonov, die met veel zwaardere terreinomstandigheden te kampen heeft gehad. Bevoorrading van de troepen in de voorhoede is een logistieke nachtmerrie gebleken.

Arme Samsonov. Omdat de weerbarstige Von François ook Ludendorffs instructies in de wind heeft geslagen door voor zijn eigen aanvalsroute te kiezen, heeft Samsonov in al zijn optimisme kans gezien zijn troepen in het midden op te laten stomen naar de Weichsel, daarmee de afstand tot zijn beide flanken vergrotend. De koppigheid van Von François komt hem duur te staan. Stilaan dringt het tot Samsonov door dat hij niet een zich terugtrekkend leger achterna zit, maar juist tegenover een samengebalde troepenmacht komt te staan.

Samsonov weifelt nu, wat voor lafheid wordt aangezien door de commandant van het front in Oost-Pruisen, Yakov Jilinski, zelf bepaald geen toonbeeld van daadkracht. Samsonov krijgt het bevel zijn offensief in Oost-Pruisen onverdroten voort te zetten. Dat is Rusland immers aan zijn bondgenoot Frankrijk verplicht, hoe slecht het ook met de aanvoerlijnen en de munitieproductie in het land van de tsaar gesteld is. Manschappen volop, maar vooral hun artillerie legt het af tegen die van de Duitsers. Het optimisme dat de Russische legerleiding in Oost-Pruisen uitstraalt, wordt weerspiegeld in dat van de Oostenrijkers in het zuiden van Polen. Ook die denken een verslagen vijand op de hielen te zitten, om van een koude kermis thuis te zullen komen.

Zoals de Romeinen lang geleden bij Cannae door Hannibal in de tang werden genomen, zo zal het ook Samsonovs leger in de Kesselschlacht bij Tannenberg vergaan. Een clash van honderdduizenden speelt zich in de laatste dagen van augustus af. Samsonov mengt zich zelf ook in de strijd. Aan beide zijden ziet hij zijn leger vleugellam geraken op een terrein dat hem onvoldoende bekend is om de zaken ten goede te kunnen keren. De val klapt dicht voor Samsonov. Rennenkampf zal nog wel een poging wagen om zijn vervloekte collega uit de brand te helpen, maar dichter dan 72 kilometer komt hij niet in de buurt van diens omsingelde Tweede Leger.

Samsonov geeft op 28 augustus het bevel tot een algehele terugtocht, afgedwongen door het moordend artillerievuur van de Duitsers. Hij stapt dan op zijn paard in een kennelijke poging om uit de val te ontsnappen. Aan doden en gewonden zijn de verliezen aan Russische zijde meer dan dertigduizend in aantal. Nog eens negentigduizend zijn krijgsgevangen gemaakt. Samsonov is verslagen. De Duitsers, versterkt met 400 buitgemaakte kanonnen, hebben hun handen vrij om Rennenkampf bij de Mazurische Meren vanaf 9 september slag te gaan leveren. Ook daar zullen de Russen het hoofd moeten buigen in een wanordelijke exodus uit Oost-Pruisen, al is het fiasco er niet zo catastrofaal als dat van Tannenberg. De ronduit spectaculaire overwinning daar heeft in Duitsland mythische proporties aangenomen. Hindenburg en Ludendorff ontlenen er hun status van tactische genieën aan. Max Hoffmann wist beter. ‘Hier heeft generaal-veldmaarschalk Hindenburg vóór de Slag bij Tannenberg, na de Slag bij Tannenberg en, onder ons gezegd, ook tíjdens de Slag bij Tannenberg geslapen’, zo heeft hij na de oorlog enkele vrienden in het toenmalige hoofdkwartier rondgeleid.

Het drama van Samsonov is door Alexander Solzjenitsyn in zijn roman Augustus 1914 beschreven. Ook Barbara Tuchman verhaalt in De Kanonnen van augustus hoe het Samsonov moet zijn vergaan, nadat hij ’s nachts het plaatsje Willenberg heeft bereikt, vlakbij de Russische grens: ‘De generaal en zijn groep hadden gewacht in het bos tot het donker werd. Het was onmogelijk in het duister te paard over de moerassige grond verder te gaan. Ze trokken dus te voet voort. Hun lucifers raakten op en ze konden niet langer hun kompas lezen. Ze struikelden verder, hand in hand, om elkaar in het donker niet kwijt te raken. Samsonov, die aan astma leed, werd duidelijk vermoeider en zwakker. Hij bleef maar tegen zijn stafchef Potovsky zeggen: ‘De tsaar vertrouwde me. Hoe kan ik hem na zo’n ramp nog onder ogen komen?’ Na een afstand van zes mijl te hebben afgelegd, hielden ze stil om te rusten. Het was een uur ’s nachts. Samsonov verdween een ogenblik later in het dichte pijnbomenbos. Weer even later hoorden ze een schot. Potovsky wist meteen wat dit betekende. Al eerder op de dag had Samsonov gezegd dat hij zelfmoord wilde plegen, maar Potovsky meende hem daarvan te hebben afgebracht. Hij wist nu zeker dat de generaal dood was. Tuchman schrijft nog dat de Duitsers het lijk van Samsonov hebben begraven. Zijn weduwe mocht het in 1916 met hulp van het Rode Kruis naar Rusland laten overbrengen.

Pawel  von Rennenkampf is zijn Eerste Leger nog voorgegaan in de onbeslist geëindigde Slag bij Lodz, november 1914, maar daarna is de generaal met de weelderigste snor van heel het oostelijk front de laan uitgestuurd. Als na de Februari Revolutie een Voorlopige Regering aantreedt, belandt Rennenkampf alsnog in het gevang wegens zijn ondermaatse leiding in de openingsfase van de oorlog. Onder de bolsjewieken komt hij vrij. Hij duikt onder langs de kust van de Zee van Azov, waar hij zich voor een Griek uitgeeft. De bolsjewieken weten hem echter te traceren. Ze willen dat hij als commandant in het Rode Leger de burgeroorlog in gaat. Dat weigert Rennenkampf echter. Daarvoor krijgt hij op 1 april 1918 een kogel die hij, anders dan Samsonov, niet uit heeft mogen kiezen.

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s