015 Carol I en diens gekroonde nachtrust (4 oktober 1914)

 

De Roemeense koning had, net als de Duitse keizer, Hohenzollern achter zijn naam staan. Als de oorlog uitbreekt, wil Carol I zijn verre verwant ook wel te hulp schieten, maar hij krijgt zijn onderdanen niet mee. Is hij aan dat chagrijn gestorven? Feit is in elk geval dat Carol I allang in een eeuwige slaap is verwikkeld als zijn jonge, Roemeense natie onder Duitse laarzen wordt vertrappeld.

De gekroond nachtrust

Dat hij en zijn volk niet op één lijn zitten, wordt de koning van Roemenië in de openingsfase van de Eerste Wereldoorlog pijnlijk duidelijk.

 

Carol I is van Duitse komaf, zoals de bouwstijl verraadt van de zomerresidentie die hij hoog in de bergen liet bouwen: kasteel Peleș. Carol heeft zelfs Hohenzollern achter zijn naam staan, net als de keizer van Duitsland. Carols sympathie gaat dan ook uit naar de Centrale mogendheden, maar de nog jonge, Roemeense natie staat vooral onder culturele invloed van Frankrijk. Bovendien heeft Roemenië een geschil met de Duitse bondgenoot: Oostenrijk-Hongarije. Dat geschil heet Transsylvanië. Het valt onder Hongarije, maar is etnisch in hoge mate Roemeens. Een grenscorrectie lijkt ze dus wel wat in Boekarest.

 

Zonder daar ruchtbaarheid aan te geven heeft Carol in de voorgaande jaren de banden met Oostenrijk-Hongarije aangehaald. Een al in 1883 gesloten, geheim verdrag werd in 1913 verlengd, zonder door het parlement geratificeerd te worden. Hoe dan ook, in Wenen en Berlijn rekenen ze op Boekarest. Maar net als Italië zal Roemenië dus niet de daad bij het Germaanse woord voegen. Of dat feit Carols dood op 10 oktober 1914 heeft ingeleid, laat zich raden. Maar het kan niet anders of  zijn laatste dagen zijn er behoorlijk door vergald. Tongen beweren dat hij op z’n 75e zelfs aan aftreden heeft gedacht, maar de dood was hoe dan ook sneller.

 

In augustus 1916 – Carol I is dan al lang verwikkeld in zijn eeuwige slaap binnen de muren van een kloosterkerk – zal Roemenië alsnog aan de Eerste Wereldoorlog gaan meedoen, maar dan aan geallieerde zijde. Die duik in het mondiale bloedbad krijgt de zegen van Ferdinand, de lang niet zo eigenzinnige opvolger van Carol. Zoals Bulgarije kiest voor de Centralen omdat het Macedonië wil, zo meldt Roemenië zich bij de geallieerden in de hoop daar Transsylvanië aan over te houden. Het is landjepik op bedenkelijk niveau. Regeringsleiders van tweederangs landen zien in het Europese bloedbad geen aanleiding kost wat kost de neutraliteit te bewaren. Roemenië zal in de oorlog ook een hoge prijs betalen als het vertrapt wordt onder Duitse laarzen, maar uiteindelijk krijgt het de buit waar het op uit is geweest: in Versailles wordt Transsylvanië overgeheveld van Hongarije naar Roemenië.

 

***

 

Over nu naar het Huis Hohenzollern, dat van de Duitse keizer en de Roemeense koning. De naam Hohenzollern doet aan Pruisen denken, maar de bakermat van het geslacht ligt in het zuiden van Duitsland. Bij het stadje Hechingen ligt nog altijd de hooggelegen burcht Zollern. Via roemruchte koningen van Pruisen – Frederik de Grote bovenal – wordt een Hohenzollern in 1871 uiteindelijk keizer van het eindelijk verenigde Duitsland. Wilhelm I, grootvader van Wilhelm II. Het Tweede Rijk is geboren.

 

Het eerste, het Heilige Roomse Rijk, had bijna een millennium bestaan toen Napoleon er in 1806 een eind maakte. ‘Heilig’ sloeg op de pauselijke goedkeuring, die niet in alle tijden vanzelfsprekend was geweest. ‘Rooms’ verwees naar de Romeinen. Maar het Heilige Roomse Rijk was bepaald niet het power house dat ooit in Rome was opgetrokken. Het was bepaald geen imperium, maar een lappendeken van kleine en minder kleine staatjes. Aan het hoofd stond wel een keizer, die de laatste eeuwen steeds uit het huis van de Oostenrijkse Habsburgers was gekomen. Maar de centrale macht van die keizer – steeds opnieuw gekozen door keurvorsten – was beperkt.

 

Het Heilige Roomse Rijk kende geen uniforme wetgeving. Iedere vorst hief zijn eigen belastingen. En van een gezamenlijk heilig-rooms leger was al helemaal geen sprake. Van Voltaire, de Franse verlichtingsfilosoof, komt de rake karakterisering dat het Heilige Roomse Rijk niet heilig en niet rooms was en al evenmin een rijk.

 

Na het opdoeken van het Heilige Roomse Rijk bleef de Duitse verdeeldheid het grootste deel van de negentiende eeuw intact. De roep om Duitse eenwording in die periode kwam – hoe raar dat ook moge klinken – uit links-liberale kringen. Conservatieve krachten hielden vast aan de vaak autocratisch geregeerde vorstendommetjes.

 

In die bonte Duitse familie kreeg in de negentiende eeuw het Pruisische neefje de overhand. Climax van dat succesverhaal werd het uitroepen van de Pruisische koning tot Duits keizer in 1871. Ook de familietak die dichter bij de Zuid-Duitse bakermat was gebleven, het graafschap Hohenzollern-Sigmaringen, had in 1849 zijn soevereiniteit overgedragen aan die grote, verre neef in Pruisen. Een Hohenzollern-Sigmaringen, Leopold, zou in 1870 door Bismarck naar voren worden geschoven als de nieuwe koning van Spanje, waar de troon vrijgevallen was.

 

Dat nooit, een Duitser in Madrid, zei de Franse keizer Napoleon III. Het gedoe bleek voor Leopold zelf reden genoeg om van Spanje af te zien. Maar om de vacature in Madrid was het Bismarck niet te doen. Hij vond in het diplomatiek conflict een aanleiding om een oorlog tegen Frankrijk te beginnen en na de Pruisische overwinning alle Duitsers onder één banier te krijgen: dat van de Hohenzollerns.

 

Leopold had een broer die het vier jaar eerder al wél tot koning had geschopt. Die broer is Carol I. In 1866 werd hij door een juichende massa in Boekarest onthaald. Bij de natie in wording hoorde een frisse vorst en in Berlijn hadden ze er nog wel eentje in de aanbieding. Het was nog een hele toer voor Carol geweest om Roemenië te bereiken. In 1866 woedde namelijk de oorlog tussen Oostenrijk en Pruisen, die Bismarck ook nodig had voor zijn grote plan, net als de oorlog met de Denen twee jaar dáárvoor. Carol had in dat Deense conflict nog actief deelgenomen aan de zijde van de Pruisen en de Oostenrijkers. Maar in 1866 hadden die twee Germaanse stammen het dus ook met elkaar aan de stok gekregen.

 

Vandaar dat de Duitser Karl Eitel Friedrich Zephyrinus Ludwig van Hohenzollern-Sigmaringen incognito de treinreis over Oostenrijks grondgebied moest afleggen om zich aan het hoofd van Roemenië te kunnen nestelen. Het land was pas vier jaar daarvoor ontstaan uit Walachije en Moldavië.  In de stijl van Napoleon III had Alexander Jan Cuza op centralistische wijze een reeks van liberale hervormingen doorgevoerd, maar zijn nieuwe Roemenië raakte allengs in financiële problemen, tot ongenoegen van de middenklasse en de grootgrondbezitters. In 1866 werd Cuza gedwongen zijn abdicatie als vorst te tekenen, waarna hij in ballingschap verdween.

 

Roemenië behoorde in 1866, het jaar waarin Karl als Domnitor werd ingehaald en zijn naam veranderde in Carol, nog altijd tot de invloedssfeer van het Ottomaanse Rijk. Het primaat van het buitenlands beleid lag in Constantinopel. Daaraan zou in 1878 een eind komen op het Congres van Berlijn, dat Bismarck belegde om na een oorlog tussen de Russen en de Turken wat kaarten in Europa  opnieuw te schudden. Roemenië, dat in de voorafgaande jaren stiekem tegen de Russen aan was gaan schurken, wist zich na afloop een volwaardige speler op het wereldtoneel.

 

Carol I, die zijn Roemeense troepen aan de Russische had toegevoegd, ging als de founding father van het moderne Roemenië de geschiedenis in. Nu kon zijn populariteit wel een injectie gebruiken. In de Frans-Pruisische Oorlog had hij zich tot de partij van Bismarck bekend. En die Duitse voorliefde viel – toen ook al – bij lang niet alle Roemenen goed. Hun taal was niet aan het Duits, maar aan het Frans verwant.

 

Ondertussen tierde corruptie in het eigen binnenland welig. Ondanks zijn rijkdom aan olie in de grond was het land er niet in geslaagd een infrastructuur naar westerse maatstaven aan te leggen. Boekarest had onbetwist zijn charme, maar het was gevuld met krotten langs nog te plaveien straten. Er hing een sfeer van oriëntaalse losbandigheid. Vrouwen zowel als mannen bedienden zich met overgave van cosmetica. De orthodoxe kerk stond drie scheidingen toe, zolang beide partijen daar maar mee instemden.

 

Carol, de Duitser, moet zich een vreemde in zijn eigen koninkrijk hebben gevoeld. Wat was het voor een man? Streng, nauwgezet, plichtsgetrouw. Volgens zijn vrouw sliep hij met de kroon op, maar dat zal dichterlijke vrijheid van haar zijn geweest. Elisabeth zu Wied – ook zij was van Duitse komaf – hield er een loopbaan als dichteres op na. Carmen Sylva luidde haar schrijverspseudoniem.  Ze schreef met groot gemak in het Duits, Roemeens, Frans en Engels. Elisabeth was een excentriek personage, die haar dagboek toevertrouwde dat een republiek te verkiezen was boven een monarchie. Ze was Albert Edward, prins van Wales, als te huwen partner aangeboden, maar de Britse kroonprins had haar op basis van hem getoonde foto’s terzijde geschoven.

 

Het huwelijk dat ze vervolgens met Carol sloot, was verre van gelukkig, al moeten ze aan het eind ervan tot een soort van verstandhouding zijn gekomen. Het waren volstrekt tegengestelde types. Hun enigst kind Maria, liefkozend Mariechen genoemd, was in haar derde levensjaar aan roodvonk gestorven. Elisabeth liet op haar graf de vermaning van Jezus uit het evangelie van Lukas aanbrengen: ‘Houd op met klagen, want ze is niet gestorven maar slaapt.’ De troon van Roemenië was overigens niet voor kleine Maria weggelegd: de voor het overige erg liberale grondwet uit 1866 stond enkel erfopvolging in een mannelijke lijn toe.

 

Het is Carols vaste intentie geweest om zijn dynastie stevig in de Roemeense grond te verankeren. Ferdinand, de zoon van zijn broer Leopold, kwam daarvoor als troonopvolger in beeld. Op enig moment besloot Elisabeth hem te koppelen aan een van haar hofdames, Elena Vacarescu. Het werd een affaire, want de wet schreef voor dat een vorst zijn vrouw buiten Roemenië zocht. Voor straf moest Elisabeth een tijdje in ballingschap in Duitsland doorbrengen. Ferdinand zou een kleindochter van de Britse Queen Victoria huwen, Marie van Edinburgh.

 

***

 

Niet minder dan 48 jaar was hij, geboren Duitser, zijn Roemeense onderdanen voorgegaan, soms met harde hand. De liberale hervormingen van zijn voorganger en de sympathie voor de sociaal-democratie die zijn vrouw voelde, waren Carol vreemd. Een boerenopstand in Moldavië had hij in 1907 ten koste van duizenden levens neergeslagen.

 

Maar in 1914 kreeg hij zijn volk niet mee op de weg naar Duitsland. En dat was hoe dan ook een geschikt moment om het moede hoofd in de schoot te leggen.

 

Advertisements

One thought on “015 Carol I en diens gekroonde nachtrust (4 oktober 1914)

  1. Tom, je bent er inmiddels helemaal in gegroeid. 14-18 is wat mij betreft een van de pronkstukken van de Nederlandse Podcastwereld. Tijdens langere autoritten rouleer je op mijn iPod met The Bugle, Slate Magazine en de documentaires van de BBC Worldservice, toch niet de minsten! Ik heb me voorgenomen de vrede in 1918 mee te maken!

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s