046 François Faber en de geboorte van zijn dochtertje (zondag 9 mei 1915)

De dood is, hoe dan ook, de grote gelijkmaker in de Eerste Wereldoorlog. Zelfs gevierde sporthelden vinden roemloos hun eind. We kunnen zoveel jaren later niet eens meer achterhalen hoe precies. Is François Faber, winnaar van de Tour de France in 1909, gestorven uit vreugde om het nieuwe leven of dreef kameraadschap hem vanuit de loopgraaf de dood in?

De geboorte van zijn dochtertje

Het is een dochtertje! François Faber heeft een dochtertje! Ja, het staat er echt, in het telegram dat hij in zijn loopgraaf heeft opengevouwen. ‘De Reus van Colombes’ gooit zijn handen in de lucht en maakt uitzinnig van vreugde een sprongetje. Hij komt hoog genoeg om door een Duitse kogel in het hart geraakt te worden. In de armen van twee strijdmakkers valt hij neer en sterft.

Was dat het einde van de man die in 1909 de Tour de France had gewonnen? Vijf etappes op rij had hij op zijn naam geschreven: nooit meer vertoond in de wielersport. Faber was ook de eerste buitenlander die de Ronde won. Hij had een Luxemburgs paspoort, maar diende wel voor de Fransen in het Vreemdelingenlegioen.

Is hij werkelijk gestorven uit vreugde om het nieuwe leven? Of dreef kameraadschap hem de dood in? Volgens de andere lezing klautert Faber die 9e mei 1915, tijdens een offensief bij Garency, uit zijn loopgraaf om een zwaargewonde kameraad uit het niemandsland te halen. Op de weg terug boort een Duitse kogel zich in zijn hoofd.

De dood is, hoe dan ook, de grote gelijkmaker in de Eerste Wereldoorlog. Zelfs gevierde sporthelden vinden roemloos hun eind. We kunnen zoveel jaren later niet eens meer achterhalen hoe precies. François Faber heeft nog wel een bescheiden monumentje op de immense begraafplaats van Notre Dame de Lorette gekregen. In de kapel, links voor bij het altaar, is zijn herdenkingsplaquette te vinden. ‘Cycliste, mort pour la France’.

Eenzelfde tekst is van toepassing op Lucien Petit-Breton, die vóór Faber twee edities van de Ronde van Frankrijk had gewonnen: 1907 en 1908. Hij kwam op 20 december 1917 in de nederige rang van ordonnans om het leven bij een auto-ongeluk achter het front bij Troyes. Maar ook de opvolger van Faber als Tourwinnaar, Octave Lapize, hoort bij de gesneuvelden pour la patrie. Als piloot moest hij het 4500 meter hoog tegen twee Duitse vliegeniers afleggen: juli 1917.

François Faber was een boom van een vent, die ook in klassiekers uit de voeten kon. Er waren dagen dat er geen maat op hem leek te staan. Faber geselde de pedalen en trotseerde de elementen. Niet iemand dus om klein te houden in een loopgraaf.

Hij was het gewend om zijn kop in de lucht te gooien, de einder achterna. Een frontsoldaat moest bukken en de grond omarmen. Zo heeft Erich Maria Remarque het verwoord: ‘Voor niemand heeft de aarde zoveel betekenis als voor een soldaat. Als hij er zich tegenaan drukt, lang en heftig, als hij in zijn doodsangst voor het vuur met zijn gezicht en met zijn gehele lichaam in haar tracht weg te kruipen, dan is zij zijn enige vriend, zijn broer, zijn moeder.’

Julius Caesar liet zijn soldaten al wegduiken in greppels, maar de loopgraaf als militair fenomeen is onlosmakelijk verbonden met de gruwelen van de Eerste Wereldoorlog. De paradoxale waarheid is dat de loopgraven levens gered hebben. De hoogste sterftecijfers uit de oorlog waren te noteren in de eerste maanden, toen de oorlog bovengronds nog volop in beweging was.

Het waren de Duitsers die besloten om weg te duiken in de aarde en zo de geallieerde generaals voor een voldongen feit stelden. De Duitse Schützengräben zouden de oorlog lang ook de beste blijven. Vooral de Fransen hielden bewust hun tranchées zo simpel mogelijk. Een al te huiselijke en veilige entourage zou het offensieve elan van de troepen ondermijnen.

Welbeschouwd is een loopgraaf een aaneenschakeling van schuttersputjes, die ontstonden uit de natuurlijke reflex van een soldaat om dekking te zoeken tegen vijandelijk vuur. Het was een kwestie van graven of sterven. ‘Zweet spaart bloed’: dat motto stond haaks op de drang tot aanvallen waarmee de legers ten strijde waren getrokken. Maar wat kon je in spervuur anders dan je plat ter aarde storten en dan een zo diep mogelijk gat graven met de pioniersschop, die behoorde tot de standaarduitrusting van de soldaat?

Uit kruipgeulen tussen de schuttersputjes ontwikkelden zich loopgraven. De architectuur ervan nam al snel verfijnde vormen aan. Soldaten konden schuilen in nissen of er hun munitie opbergen. Aan de kant van de borstwering werd doorgaans een trapje gemaakt: fire step, zeiden de Engelsen. Wie zijn knie erop legde, kon tamelijk comfortabel over de rand mikken naar de vijand, in de hoop uiteraard dat die niet terug mikte.

De bodemgesteldheid dicteerde wel de inrichting van een loopgraaf. Grondwater was net zo’n geduchte vijand als de artillerie van de overkant. In drassige gebieden moest juist grond worden opgeworpen, terwijl vlonders ervoor zorgden dat de soldaat droge voeten hield. Duckboards, noemden de Engelsen die plankieren. Voor de stevigheid dienden golfplaten, houten schotten of, specialiteit van de Duitsers, vlechtwerk van takken. Zandzakken waren ook nuttig. De Vlamingen hadden daar een mooie naam voor: vaderlandertjes. Minder vertrouwd klonk dan weer de naam van het loopgravencomplex dat het Belgische leger in de IJzerdijk had uitgegraven: de Dodengang.

Hoe breder de loopgraaf, des te groter het gevaar dat een granaat erin landde. Dus werd het gangpad tussen de rug- en de borstwering zo smal mogelijk gehouden. Om dezelfde reden werden de loopgraven in een zigzagstructuur aangelegd. Kwam het tot een explosie of vuur vanuit de flank, dan waren de kameraden om de hoek tenminste nog veilig. Dwarswallen tussen de zigzaggende ‘vuurnissen’ boden extra bescherming.

De verdediging bleef ook al snel niet meer beperkt tot één linie van loopgraven. In zijn meest uitgewerkte vorm was een loopgravencomplex wel vier lagen diep. Op ruime afstand van de voorste, hoofdweerstandslijn werd een dekkingsloopgraaf aangelegd. Daar weer achter kwamen de verzamel- en aanvoerloopgraven. Helemaal achterin wachtten reserves in hun loopgraven op het moment waarop ze, via de haakse verbindingen, naar de voorste linies mochten opschuiven. Het allerdichtst bij de vijand waren de luistervinken en scherpschutters in hun vooruitgeschoven posten, daar waar het niemandsland begon.

De stroken tussen de linies waren opgevuld met prikkeldraad of andere versperringen, zoals Spaanse ruiters, die nog herinnerden aan de Tachtigjarige Oorlog. Maar her en der waren er ook mitrailleurs opgesteld, om een penetrerende vijand te kunnen verrassen. Het verkeer tussen de linies en de werkzaamheden aan de loopgraaf vonden zoveel mogelijk ’s nachts plaats, als vijandelijke vliegtuigen niet konden spieden. Uiteraard vonden ook de uitstapjes in no man’s land bij nacht en ontij plaats. Een klus kon zijn om in alle stilte, knippend met een draadschaar, een weg uit te stippelen door het woud aan prikkeldraad, dat hing aan ijzeren frontpiketten, ook wel varkensstaarten genaamd. Troepen die de volgende dag ‘over the top’ moesten, dienden vrij baan te hebben.

Dat prikkeldraad is, net als de loopgraaf, een symbool van de Grote Oorlog geworden. Het patent erop was in 1874 verkregen door een Amerikaanse boer, Joseph Glidden. Het had hem steenrijk gemaakt en het Wilde Westen getemd. Maar in de oorlog stond Gliddens uitvinding garant voor tal van menselijke drama’s. Wie in het prikkeldraad bleef hangen, was verkocht.

Van de Noordzee tot aan de Zwitserse grens golfden de loopgraven aan weerszijden over het landschap – een pas de deux van twee weinig swingende legers. De Duitsers hadden doorgaans het voordeel van het terrein, dat ze immers voor het uitkiezen hadden gehad. Soms hadden ze de beschikking over complete grotten, zoals de Caverne du Dragon onder de Chemin des Dames. De ondergrondse kamers van de Duitse officieren konden met enig recht ook ganz gemütlich worden genoemd. Niet zelden hing er behang aan de muur. Er was elektrisch licht en ook in meubilair was voorzien. Een schilderijtje van de keizer maakte het helemaal af.

De norm van de loopgraaf was natuurlijk een geheel andere, vooral aan geallieerde zijde. Foto’s tonen ons holbewoners, meer beesten dan mensen, die ook nog eens inwoning van ratten en luizen moesten verduren. In Le Feu schrijft Henri Barbusse er zo over: ‘Er is een netwerk van langwerpige kuilen waarin de nachtelijke uitwerpselen zich ophopen. Het is de loopgraaf. De grond ervan is bedekt met een kleverige laag waar de voeten zich bij elke stap met gesmak uit loswerken. Om iedere schuilplaats heen riekt het afschuwelijk naar de urine van de nacht.’

Dat was de biotoop waarin tot aan de 9e mei 1915 ook François Faber moest zien te gedijen. Maar misschien kon hij de camaraderie in de loopgraven wel beter waarderen dan de na-ijver in het peloton en waren de omstandigheden aan het front voor de oermens een peulenschilletje vergeleken bij de ontberingen die hij als wielrenner had doorstaan.

In 1910 had hij een titanenstrijd uitgevochten met Octave Lapize, bijgenaamd ‘de Krullenbol’. Voor het eerst waren de Pyreneeën in de Ronde van Frankrijk opgenomen. Over smalle geitenpaadjes klommen en daalden de coureurs tegen een ijzingwekkend decor. Lapize was hoog in de bergen behendiger dan de zwaargebouwde Faber, maar ‘de Reus van Colombes’ wist toch nog met de gele trui om de cols te verlaten.

Dan rijdt Faber in de etappe naar Brest lek, waardoor Lapize in het geel aan de laatste etappe naar Parijs kan beginnen. Faber smijt met zijn krachten en stormt als een waanzinnige op Parijs af. Het mag niet baten. Lapize trekt aan het langste eind in een van de spannendste finales die La Grande Boucle heeft gekend.

Dát is heldendom, zoals je het alleen in de sport aantreft.

Advertisements

One thought on “046 François Faber en de geboorte van zijn dochtertje (zondag 9 mei 1915)

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s