094 Philippe Pétain en het vuur dat doodt (zondag 9 april 1916)

De man die als held van Frankrijk uit de Eerste Wereldoorlog komt, ‘de Redder van Verdun’, die krijgt na de tweede de doodstraf. De kruisweg van Philippe Pétain krijgt nog een bizar, postuum slot als in 1973 zijn lijk uit de graftombe op het Ile d’Yeu wordt geroofd.

Het vuur dat doodt

Op een maandagochtend in 1973 trekken de krassen van een beitel de aandacht van een grafdelver op het eilandje van Yeu, een winderige puist van graniet voor de kust van West-Frankrijk. De man kijkt nog eens goed naar de witte, betonnen zerk van Henri Philippe Pétain. Niet lang daarna wordt duidelijk dat het lijk van de maarschalk uit zijn graf is geroofd.

***

Het jaar is 1951 als maréchal Pétain sterft op Île d’Yeu. Op zijn laatste verjaardag heeft zijn bemoeizieke vrouw Nini voor een taart met 95 kaarsjes gezorgd in de kleuren rood, wit en blauw. Pétain veert op. ‘Hoe mooi toch’, zegt hij, terwijl hij met zijn vinger wijst naar het ene kaarsje dat maar niet wil branden. De dagen daarna stijgt hij bazelend en brabbelend weer op naar seniele sferen.

November 1945 betrekt Pétain zijn gevangenis op Île d’Yeu. Een jury heeft hem de doodstraf gegeven: veertien stemmen voor, dertien tegen. Een communistische afgevaardigde voor de Somme geeft de doorslag. Maar daarna maakt president Charles de Gaulle, als soldaat zijn ondergeschikte in de vorige wereldoorlog, er levenslang van. Hoe dan ook, Pétain is tot een landverrader verworden. Als de dictatoriale chef van Vichy-Frankrijk heeft hij zijn volk aan de Duitsers overgeleverd. Dat zijn ambtenaren op grote schaal Franse Joden in de armen van de Duitsers hebben gedreven, laat de rechtbank amper meewegen. De aanklacht richt zich niet zozeer op collaboratie, maar op de schandelijke capitulatie van juni 1940, nota bene beklonken in de treinwagon van Compiègne, waarin 22 jaar eerder de Duitsers hun vernederende wapenstilstand onder ogen hebben moeten zien. De foto waarop Pétain de hand van Adolf Hitler drukt, dateert van oktober 1940.

Een onbetwiste held is Pétain nog in het interbellum, dat hij als ambassadeur in Spanje afsluit. Representant van traditionele waarden van eer en gezag en verklaard tegenstander van het parlementair systeem, dient hij in 1934 vanuit het kabinet zijn land. Maar ook onder minister Pétain van Oorlog raakt het Franse leger verder achterop. Luchtmacht, landmacht en marine moeten het zien te rooien met verouderd wapentuig.

Een decennium eerder is Pétain nog een warm pleitbezorger van de Maginotlinie, die met haar betonnen fortificaties en kazematten de Duitsers in een volgende oorlog buiten de deur moet gaan houden: dwaas plan zal in 1940 blijken. In 1925 gaat Pétain zelf nog voorop in de strijd. Spanje te hulp snellend leidt hij de Franse troepen tegen de Berbers in de Tweede Marokkaanse ofwel Rif Oorlog. Hij mag zich dan al maarschalk noemen: die rang voor het leven wordt hem niet lang na de wapenstilstand van november 1918 verleend. Dat eerbetoon doet hem goed, al is hij nooit een man van uiterlijk vertoon geweest. Zeven sterren op zijn mouw of niet, tijdens de overwinningsparade van 1919 rijdt hij onder de Arc de Triomphe door in het horizon blue, het uniform van de poilu.

De laatste fase van La Grande Guerre is hij onderhorig aan de geallieerde generalissimo Ferdinand Foch – de twee Fransen liggen elkaar bepaald niet. Het jaar 1918 laat opeenvolgende Duitse offensieven zien, die samen de Kaiserschlacht vormen. Lang houdt Pétain vast aan zijn behoedzame tactiek van verdedigen in de diepte. ‘Defaitist’ noemen critici hem. Maar met voldoende Amerikaanse regimenten en Renault FT-17 tanks aan zijn zij, ontkomt Pétain er toch niet aan om in de tegenaanval te gaan. Op 18 juli 1918 kantelt aan de Marne de oorlog definitief.

De Duitse opmars van 1918 drijft wel een wig tussen Fransen en Britten. Pétain is de Britse generaal Douglas Haig aan de Somme en het St. Quentinkanaal met zeven Franse divisies nog wel bij komen staan, maar bij een nieuwe smeekbede van Haig geeft Pétain nul op het rekest. De Franse generaal verwacht nog altijd het beslissende Duitse offensief zuidelijker, in de Champagne en de Elzas. De verdediging van Parijs stelt Pétain boven het strategisch belang van aansluiting met de Britten. Onder de zware Duitse druk is Haig er inmiddels aan toe om onder één geallieerde opperbevelhebber van Franse origine te dienen, maar Pétain lust hij niet meer. En ook de Franse premier Georges Clemenceau kiest die andere, wél doorpakkende generaal: Ferdinand Foch.

De Franse militair heeft genoeg geleden. Daarvan is Pétain meer en meer overtuigd geraakt. Als soldaat onder de soldaten is hij dan ook de uitgelezen bevelhebber om de rust in de loopgraven na de Nivelle-muiterijen te herstellen. Vier dagen nadat hij in mei 1917 het opperbevel van Robert Nivelle over heeft genomen, maakt hij, zijn belangrijkste adviseurs negerend, een eind aan onzinnige offensieven. Die bij de Chemin des Dames is daarvan een maand eerder het schoolvoorbeeld geweest. Rantsoenen en onderkomens voor de poilus worden op last van Pétain verbeterd, verlofregelingen uitgebreid. Wie als soldaat meent dat hij op langer verlof recht heeft dan hem is toebedeeld, mag voortaan zijn superieur om tekst en uitleg vragen. Wat pure repressie betreft volstaat Pétain met het terechtstellen van 49 muiters, op een totaal van 554 doodvonnissen. Een groot aantal deserteurs wordt naar de beruchte Franse strafkolonie in Frans-Guyana gezonden.

***

In een mum van tijd wordt een klopjacht in het hele land op touw gezet: waar is de kist van maarschalk Pétain gebleven? De politie werpt roadblocks op en speurt in aangehouden vrachtwagens naar het lijk. Op de uitgestrekte begraafplaats van Douaumont, aan de voet van een ontzagwekkend knekelhuis, worden graven geopend. Het vermoeden bestaat dat de maarschalk heimelijk op Douaumont te rusten is gelegd. Rechtse krachten hebben immers al jaren campagne gevoerd voor een hereniging van Pétain en zijn strijdmakkers, die in 1916 bij Verdun zo glorieus voor ‘la Patrie’ zijn gevallen.

***

Slechts twee van de tien maanden die ‘Verdun’ duurt, voert Pétain daadwerkelijk het commando over de Franse troepen. Maar in december 1916 komt hij toch als de ‘Redder van Verdun’ uit de strijd. De mythe dicteert dat híj de man is die voor Frankrijk ‘de oorlog binnen de oorlog’ heeft gewonnen op onverschrokken wijze, al strookt de zenuwtic in een ooglid van Pétain niet met dat beeld.

De climax van de strijd om Verdun is in de laatste week van juni bereikt. Als de Britse artillerie aan de Somme zich voor het eerst laat horen, als de Fransen met hun nieuwe gasmaskers uit wolken van dodelijk fosgeen levend tevoorschijn komen, als Duitse infanteristen tijdens hun stormloop wel onder het Franse veldgeschut bezwijken, dan tekent het zich duidelijk af: Verdun houdt stand. ‘Houd moed!’ heeft Pétain zijn troepen in april dan ook voorgehouden. ‘We krijgen ze wel.’ ‘Courage! On les aura!’

Toch is Joseph Joffre, chef van het Franse leger, niet tevreden over Pétain, die zijn aandacht alleen bij de verdediging van Verdun lijkt te hebben. Joffre is al in de ban van het aanstaande geallieerde offensief aan de Somme. Hij ontneemt Pétain in april 1916 het commando over het Tweede Leger ten faveure van Robert Nivelle, op wie de statistieken van gesneuvelde soldaten minder zwaar drukken. Verder weg van het front mag Pétain zich over de Centrale Legergroep gaan ontfermen.

In maart 1916 is de Parijse pers interesse gaan tonen in de generaal die zijn mannen stand laat houden in de Teutoonse hel. Het kost de kranten moeite een foto van deze Pétain te achterhalen. La Voie Sacrée, zo gedoopt door de propagandist Maurice Barrès, is ook Pétains heilige pad naar eeuwige roem. Een onafzienbare stroom aan manschappen, munitie en voorraden perst zich dag in dag uit over de landweg die Pétain met steenslag heeft geplaveid. Het hoofdkwartier van Pétain, in het dorpje Souilly, ligt er pal naast. Met de mannen helemaal vooraan toont Pétain ondertussen compassie. Hij ziet erop toe dat ze in hun loopgraven tijdig afgelost worden door nieuwe contingenten.

Februari 1916 barst de hel boven Verdun los. Joffre doet op een beroep op de bevelvoerder van het Tweede Leger, Philippe Pétain. Maar die is in geen velden of wegen te bekennen. Uiteindelijk wordt hij in het holst van de nacht door zijn adjudant getraceerd in Hôtel Terminus, vlakbij de Gare du Nord in Parijs, ver weg van het front bij de Maas. Pétain, een onvervalste Don Juan, bevindt zich in de armen van zijn ruim twintig jaar jongere maîtresse Eugénie Hardon, een gescheiden moeder, met wie Pétain pas in 1920 zal trouwen: zijn Nini.

***

Na twee dagen belegt een Algerije-veteraan, Hubert Massol, een persconferentie. Hij belooft de kist van Pétain terug te geven op voorwaarde dat de regering overgaat tot rehabilitatie van de maarschalk. Maar na zijn arrestatie slaat Massol al snel door en voert hij de politie naar een garage in de Parijse voorstad Saint-Ouen.

***

De oorlog heeft zijn militaire carrière in een stroomversnelling gebracht. Generaal van het 33e korps in oktober 1914, van een divisie in september, van een brigade in augustus. Hij onderscheidt zich tijdens de mislukte offensieven in de Artois, maar ook tijdens de succesvolle Slag aan de Marne.

De vrede, die heeft hem niet verder dan de rang van kolonel gebracht. Hij is 58 jaar oud als hij zich in de lome zomer van 1914, na militaire omzwervingen binnen de grenzen van Frankrijk, op een bestaan als burgerman voorbereidt.

Het is een rotsvaste overtuiging die zijn loopbaan op een dood spoor heeft gebracht. Opgeleid aan de École Spéciale Militaire de Saint-Cyr gelooft Pétain niet in de aanvalsdoctrine die de legertop uitdraagt. Le feu tue is zijn motto: vuur doodt. Hij gruwelt van bajonetten die zich op mitrailleurs werpen. Pétain gaat uit van de verdediging, een ketterse filosofie in de ogen van hen die bovenaan de ladder staan. Hij mag in het eerste decennium van de eeuw zijn tactische ideeën dan wel verkondigen aan de leerlingen van de École Supérieure de Guerre, hogerop in het leger geraakt hij niet. Pietje Precies (‘Précis le sec’) heeft hij zich als bijnaam verworven. De afgemeten dictie waarmee hij spreekt, hoort daarbij.

Philippe Pétain mengt zich zo weinig mogelijk in publieke discussies. De scheiding van kerk en staat, doorgevoerd in 1905, laat de lakse katholiek onbesproken. Ook aan de Affaire des Fiches een jaar eerder – antiklerikale oorlogsminister laat katholieke militairen bespioneren – gaat Pétain voorbij. Naar zijn exacte standpunt in het grootste schandaal van republikeins Frankrijk, de Dreyfusaffaire, moeten historici later een slag gaan slaan. Zijn haat tegen links is wel duidelijk terug te voeren tot de gebeurtenissen van 1871: de opstand van de Parijse Communards die volgt op de nederlaag tegen Pruisen.

De adolescent Philippe Pétain besluit een toekomst als priester uit zijn hoofd te zetten en het voorbeeld te volgen van het indrukwekkende infanteriebataljon dat bij Saint Omer is gelegerd. Op school heeft hij redelijk gepresteerd. Tien jaar oud wordt hij op een boerenkar van thuis naar het Collège Saint-Bertin gereden. Door een erfenis van een oudoom kunnen zijn ouders de kostschool van streng-katholieke signatuur voor hun zoon betalen. Hij is, na drie dochters, hun geschenk uit de hemel geweest. In Cauchy-à-la-Tour, een dorpje van 400 inwoners in het Noord-Franse departement van Pas-de-Calais, wordt hij op 24 april 1856 geboren: Henri Philippe Bénoni Omer Pétain.

‘Bénoni’ is de naam van zijn grootvader geweest. Maar weinigen dragen hem. In het boek van Genesis baart Rachel, tweede vrouw van Jacob, een zoon ten koste van haar eigen leven. Jacob zal later voor het kind de naam van Benjamin uitkiezen, maar zijn moeder heeft hem nog Bénoni kunnen noemen. Het betekent: ‘de zoon van mijn zorgen’.

***

Daar liggen dan de foute dan wel heroïsche botten van maarschalk Pétain, in een vermolmde eikenhouten kist, geladen op een vrachtwagen. Deze garage in Saint-Ouen is het onderkomen voor Frankrijks onverwerkte geschiedenis. President Georges Pompidou aarzelt niet en gelast de herbegrafenis van Philippe Pétain op het Île d’Yeu. De maarschalk ligt weer in zijn graf van ballingschap en de doden van Verdun doen er het zwijgen toe.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s